Lange tijd was de onofficiële dresscode voor luxe heel eenvoudig. Schone polsen. Blote nek. Een huid die zo min mogelijk prijsgaf. Het verhaal zat in wat je droeg en waar je zat, niet in de lijnen die op je lichaam achterbleven als je je kleren uittrok.
Die wereld is aan het veranderen. De meest interessante ruimtes in de mode, kunst en horeca zitten nu vol met mensen wier verhalen zichtbaar zijn nog voordat ze een woord hebben gezegd. Hun sieraden bewegen, hun kleding verschuift en onder alles zit inkt die weigert in het domein van underground salons en late nachtelijke beslissingen te blijven.
Tatoeages zijn uit de marge van het aanvaardbare getreden en hebben hun intrede gedaan in de eerste rij en in privé-eetkamers. Niet als een nieuwigheid of een schok, maar als een ander soort weloverwogen object. Minder een rebellie en meer een bewerking, een permanente beslissing die met dezelfde zorgvuldigheid wordt genomen als het passen van couture of de aankoop van een horloge dat een mijlpaal markeert.
In de nieuwe taal van luxe kan een onderarm evenveel betekenis hebben als een limited edition aktetas. De ene wordt gedragen, de andere wordt beleefd.
Huidkunst is de meest intieme vorm van branding geworden. Een klein lijntje op de ribben dat slechts een handvol mensen ooit zal zien. Een schrift op de vingers dat beweegt wanneer je naar een glas reikt. Dit zijn stille signalen die meer over je zeggen dan welk logo dan ook.
De cultuur rond tatoeages evolueert in hetzelfde tempo. Verzamelaars praten nu over hun favoriete artiesten in één adem met hun favoriete ontwerpers. Steden worden niet alleen in kaart gebracht op basis van waar je kunt verblijven en eten, maar ook op basis van waar je je kunt laten tatoeëren door mensen wier agenda's een jaar van tevoren volgeboekt zijn. Reisplannen worden opgesteld rond afspraken in plaats van tentoonstellingen.
Deze verschuiving is niet alleen esthetisch. Ze brengt ook een nieuw soort verantwoordelijkheid met zich mee. Als de huid nu een van de meest zichtbare plekken is waar luxe tot uiting komt, dan moet ook de manier waarop we voor die huid zorgen, volwassen worden. Een ontwerper zou nooit een jurk op de catwalk laten zien zonder er zeker van te zijn dat de stof goed blijft zitten. Op dezelfde manier ontstaat er een verwachting dat getatoeëerde huid ondersteuning verdient die zowel het lichaam als de kunst respecteert.
De nieuwe taal van getatoeëerde luxe draait niet om luidere statements of grotere stukken. Het draait om intentie. Om het kiezen van werk dat in een galerie zou kunnen hangen, en vervolgens producten en rituelen te kiezen die ervoor zorgen dat dat werk net zo gracieus veroudert als een goed gemaakt pak. Het draait om het besef dat echte status niet alleen voortkomt uit bezit, maar ook uit rentmeesterschap.
In toekomstige uitgaven zal ICONICA deze taal van luxe volgen in verschillende steden en seizoenen: van modeweken waar inkt onder couture vandaan komt, tot hotellobby's waar getatoeëerde verzamelaars elkaar ontmoeten, tot galerie-openingen waar huidkunst in dialoog staat met canvas. Verwacht verslagen van catwalks, front rows, privédiners en ledenruimtes waar tatoeages stilletjes de toon zetten.
Terwijl kunstenaars, verzamelaars en merken elkaar ontmoeten in deze ruimte, wordt een stille waarheid duidelijk. De meest moderne uitdrukking van smaak leeft niet in wat op een plank kan worden verkocht. Het leeft in de dialoog tussen kunst en het levende oppervlak dat het elke dag draagt. ICONICA bestaat om die dialoog te documenteren, nummer na nummer, terwijl deze zich in de cultuur schrijft.